Vellingwanden

  1. Gebruik speciale prikspouwankers voor vellingwanden, deze hebben een kortere inlijmstrip;
  2. Bij gebruik van lijmankers moet u voorkomen dat vellingblokken scheef komen te staan. Zorg daarom dat de lijmmortel niet te dun wordt aangemaakt (te veel water) en breng de lijmvoeg ook in voldoende dikte aan (4 mm dikte voor de lintvoeg);
  3. Vellingproducten kunt u verlijmen met regulier Calduran lijmgereedschap;
  4. Bij de voorbereiding van het werken met vellingblokken, kunt u Calduran Uitgekiend® overwegen. Alle blokken worden dan in de juiste hoeveelheid aangeleverd

In praktijk wordt te vaak gesignaleerd dat de stoot- en loodvoegen in wanden van kalkzandsteen niet- of niet voldoende vol en zat worden verlijmd.

Verlijm de stootvoegen van vellingwanden in de volgende situaties:

  1. Bij beperking van de luchtdoorlatendheid, bijvoorbeeld bij binnenspouwbladen. Om de wanden luchtdicht uit te voeren, kunt u stootvoegen ook achteraf aan 1 zijde dichtzetten;
  2. Bij bijzondere dragende wandconstructies zoals stabiliteitswanden;
  3. Bij hogere prestatie-eisen ten aanzien van geluidsisolatie: dan geeft het 1- of 2-zijdig afdichten van stootvoegen (met tenminste 3 mm voegvulling) een positief effect op de geluidsisolatie.
    Luchtgeluidisolatie in dB van kalkzandsteenwanden van vellingblokken zonder verlijming van de stootvoegen:

    * De waarden voor de V150 zijn geïnterpoleerd uit de waarden van de V100 en de V214 blokken.

Bij (enkelzijdige) afwerking van de wand met bijvoorbeeld met een stuclaag, heeft de wand de originele geluidsisolatiewaarde van een massieve wand met vergelijkbare dikte.

Bekijk ook het adviesblad Vellingwanden.