Richtlijnen voor het opperen van materialen:

1. Elementen zo dicht mogelijk bij de vloeroplegging plaatsen;
2. Plaats de elementen op latten of balkjes. Hiermee voorkomt u beschadigingen, optrekkend vocht en vervuiling. Ook staan elementen stabieler en daardoor vermindert u de kans op omvallen;
3. Plaats de stelmachine in het midden tussen de te stellen wand en de geopperde elementen (houd rekening met het gewicht dat op de machine vermeld staat);
4. De reikwijdte van de giek en het maximale hefgewicht zijn afhankelijk van het type stelmachine;
5. De vrije werkruimte naast de wand is bij voorkeur minimaal 1 m;
6. Gebruik gekeurde opperklemmen;
7. Laat leidingen maximaal 100 mm boven vloeren uitsteken en markeer ze duidelijk om struikelgevaar en beschadigingen van leidingen te voorkomen;
8. Dek vloersparingen en leidingsleuven deugdelijk af. Rijd nooit met de stelmachine over een trapgatafdichting;
9.  Zorg voor de aanwezigheid van krachtstroom voor de elementenstelmachine;
10. Onderstempel de (verdiepings)vloeren;
11. Begane grondvloeren kunnen niet onderstempeld worden. Houd daarom rekening met de toegestane opperbelasting van de kalkzandsteen en verdeel de opperbelasting over meerdere vloerplaten.